De gouden kersenpit

Een raadselachtige combinatie in deze titel, maar samengebracht door schrijfster en cabaretier Paulien Cornelissen. In een artikel in NRC van 3 oktober wordt erover bericht, en ook vertelde Paulien erover in het radioprogramma OVT van 26 september.

Waar gaat het over? Het Erfgoed Festival Gelderland besloot, vanwege de maand van de geschiedenis een aantal kunstenaars te vragen “iets te doen” met streekmusea en -archieven. Het thema van de geschiedenismaand is dit jaar Oost-West en daarmee moest het ook verband houden. Paulien kreeg het Streekmuseum Tiel en het bovengenoemde archief toebedeeld.

Haar invalshoek werd de kers: de fruitregio bij Tiel heeft veel kersenbomen en bovendien is de kersenbloesem een belangrijk aspect in de Japanse cultuur, waarvan Paulien zoals bekend veel weet.

Maar waar haal je in een groot archief informatie over kersen vandaan, hoe pak je zoiets aan? Beter gezegd: waar begin je? Het regionaal Archief bevat zo’n 16 kilometer archiefdozen….
In dit geval stuitte zij op een boekje met de namen van heel veel fruitrassen. Sommige namen waren heel verklaarbaar, maar hoe komt een kersenras aan de naam “Inspecteur Löhnis”? Het vinden van een opvallende naam leidde tot een zoektocht in tal van archieven, die steeds interessanter werd. Volgens Paulien werd zij steeds meer gegrepen door het speuren, “er kwam geen eind aan”.

De kers met de bijzondere naam is vernoemd naar Frederik Löhnis, iemand die veel heeft gedaan voor de ontwikkeling van de landbouw en het landbouwonderwijs.
Hierop besloot Cornelissen te onderzoeken of er in Japan ook kersenbomen waren die naar een persoon waren vernoemd. En inderdaad, zij stuitte op de naam Eisuke Sato, een kers vernoemd naar de kweker die dit bijzonder smakelijk kersenras heeft gekweekt in Japan.

Hiermee was het onderzoek rond: de fantasie van de schrijfster maakte er een verhaal van “de inspecteur en de gouden kersenpit” waarin zij vertelt hoe de inspecteur en de Japanse kweker elkaar treffen in 1924 bij de Mondiale Tuinbouwtentoonstelling in Ankara.
Terug in Nederland ontvangt Löhnis een brief van Sato, met daarin een gouden kersenpit. De opdracht is de pit te verstoppen….
In Japan kent men het begrip “hibutsu”: iets dat bijna nooit bekeken mag worden, omdat het ideaalbeeld altijd mooier is dan de werkelijkheid.

Aldus het verhaal dat in een beperkte oplage is uitgegeven. Om het archiefwerk en het boekje te verbinden heeft Paulien nog een heel speciale actie ondernomen: op geheimzinnige wijze is zij in het bezit gekomen van een / de gouden kersenpit. Deze heeft zij verstopt in een van de duizenden archiefdozen in het Regionaal Archief…. Wie weet of deze ooit nog iemand onder ogen komt; het is Pauliens manier de strikte orde van een uitgebreid archief te verstoren…

Content is gerealiseerd door: Helma Bode, scribia.nl